Perceptiemanagement

STAD EN LAND

Of Nederland vol is, is objectief moeilijk vast te stellen, want hoeveel vierkante meters leefruimte heeft een mens nodig? Er is wel een democratisch criterium: als meer dan 50 procent van de bevolking Nederland vol en te druk vindt, dan is Nederland vol en te druk. Een andere graadmeter is in hoeverre je een plasje in de berm kunt doen zonder dat er naar je gejoeld wordt of een BOA of een moraalridder je ‘daarop aanspreekt’. Uit dat oogpunt is het in Nederland heel erg druk.

En dan de natuur. Probeer in Nederland eens een foto te maken van een ongerept stukje groen. Het vergt heel wat stuurmanskunst om de windmolen links en het appartementencomplex rechts buiten beeld te houden. Nieuwe windmolens, wegverbredingen, dozen van expeditiebedrijven, nieuwe wijken, weiden die worden opgeofferd aan zonnepanelen, de fictie van het Groene Hart, het doet allemaal pijn aan de ogen. Toch heeft Nederland nog veel mooie natuur, zo praten de mensen elkaar na in een stuitende collectieve zinsbegoocheling.

Idyllisch

Er was nog ruimte en de natuur was nog idyllisch in 1937 toen het Verkade-album “Waar wij wonen” van Jac. P. Thijsse verscheen. Het omslag van dat boek is vertederend. Maar laten we hier en nu eindelijk erkennen dat Nederland geen land is maar een stad, helemaal met de woningbouw- en de klimaatambities van het kabinet en de plannen om nog meer arbeidsmigranten uit te nodigen.

Het is een overbevolkte, volgebouwde en versteende metropool met wat parken met hekken eromheen. Overigens best mooie parken, zoals gemeentelijke plantsoenen, de Veluwe of het Goois Natuurreservaat. Er is niets mis met een stad met parken, en als je zo tegen Nederland aankijkt, dan lijd je niet meer zo onder de permanente afkalving van het vrije uitzicht. Het leven wordt met deze lager gestelde verwachtingen, met dit perceptiemanagement draaglijker. Je wordt zelfs blij als er tussen al dat steen hier en daar een nieuw bloemperk wordt aangelegd als onderdeel van het urbanistisch concept. Ik vind het zelf wel een aardig "narratief", overigens een van de meest irritante woorden in de media de laatste tijd.

Honden

Tijdens corona werd er volop gefietst, gewandeld, gejogd en gezocht naar bijzondere plantjes. Dezelfde paddenstoel werd gefotografeerd door telkens andere wandelaars. Talloze computers moeten uit elkaar spatten van zulke ‘natuurfoto’s’. Leveranciers van E-bikes en gewone fietsen speelden handig in op het gezondheids- en milieufanatisme en deden goede zaken.

Maar die drukte is niet afgenomen na corona, nu mensen weer voor 34 euro naar Barcelona kunnen vliegen. Op de snelwegen zijn de files weer terug. Op het wandelpad sloffen mensen voort in een bijna troosteloze processie. Groepjes natuurliefhebbers met verrekijkers zwalken van links naar rechts. Vaak zijn er voortrazende wielrenners. Sta je even stil met je fiets dan moet er juist op dat moment een knorrige moeder met een bolderkar vol kinderen achter je langs.

Azië

Bij dit maniakale gewandel en gefiets moet ik denken aan de dichtbevolkte steden en afgeladen straten in Aziatische metropolen. Daar bereed ik weleens een brommer. Uiteraard waren er talloze andere brommers, en auto’s. Het ging er op een ordelijke en natuurlijke wijze rustig aan toe. De weggebruikers weefden zich elegant om elkaar heen. Ze remden op tijd, lieten ruimte, schreeuwden niet.

Het is natuurlijk niet fijn dat die steden te lijden hadden onder stank en luchtvervuiling. Maar in de drukte van de uitgewoonde parken en bossen in Nederland herinner ik mij hoe relaxed ik mij voelde op mijn brommer in de grote steden van Nepal, Vietnam en Indonesië.

(19-5-2022)